ZOEKT EN GIJ ZULT VINDEN

Ooit schreef ik een blog “LUCHTKASTELEN VAN MIJN VADER”. Ik postte het op facebook. Misschien heb je het gelezen.

Het was in februari vorig jaar nadat we in Marbella waren aangekomen. De stad waar mijn biologische vader eind jaren ’60  lange tijd rondzwierf en zijn geld verdiende met het creëren van zandsculpturen. Het klinkt romantisch, en dat was het ook. De chaos en het kind dat hij achterliet in Nederland gaf echter een realistischer beeld van de egocentrische en zelfs narcistische man die hij was.

Toch zit het in de genen, dat nomaden bestaan. En daar ben ik hem dankbaar voor. Een van de weinige goede eigenschappen die ik heb mogen erven. De drang tot zwerven. Dat willen voortbewegen. Reizen van plek naar plek. Onbekende oorden ontdekken, vreemden als vrienden ervaren en elke dag nieuwe ervaringen op doen.

Nu in deze tijd, zijn we geen pioniers meer zoals mijn vader toentertijd dat was. Onderweg ontmoeten we vele gelijkgestemden die, net als wij, voor een eenvoudig en vrij bestaan hebben gekozen. Voor een langere of kortere periode. Allen zijn we zoekende. Zoekende naar vervulling van ons bestaan. Vervulling van de niet te stillen honger die ons voortdrijft.

En dat is goed, die honger. Dat zoekende zijn. Zolang we blijven zoeken, vinden we.

Nieuwe wegen, nieuwe paden. Afslagen die we eerder niet hebben genomen. Gewoonweg omdat ze ons niet aangeboden worden wanneer we onszelf voortdurend in dezelfde ruimte en woon-, werk-, en leefomgeving begeven. Dan blijft alles bij het oude. Het oude vertrouwde. Geeft zekerheid. Dat is een ding wat zeker is.

En daar kunnen we ons hele leven omheen blijven bewegen. Niets veranderd, niets groeit. Wij groeien niet. Want groeien doet pijn en het liefst blijven we weg van pijn want dat doet zeer.

En wanneer je jezelf herkent in bovenstaande, wanneer het confronterend voor je voelt, voel je dan vooral niet op je plek gezet. Voel je niet minder of beter. Je bent namelijk precies op de juiste plek. Precies daar waar je moet zijn.

Toch zou ik je graag eens uitnodigen om het een keertje zeer te laten doen. Voel die pijn. Dat schurende, die wrijving. Want wanneer je de pijn niet wil voelen, voel je ook de vreugde niet. Niet echt.

Dat intense gejubel van het hart dat een sprongetje maakt. Je weet wat ik bedoel. Dat kinderlijke onbevangen gevoel van het wel uit kunnen schreeuwen van geluk. Dat je op de tafel wil dansen van uitbundigheid omdat je zojuist geraakt bent door de schoonheid van het leven. Of het verheugde gevoel van kriebels in je buik omdat je iets gaat doen wat je nog nooit eerder hebt gedaan. Dat vreemde geknaag in je maag dat aan de ene kant vreet en aan de andere kant je zo een gevoel van ik leef geeft, wanneer je niet weet wat de volgende dag gaat brengen. Die verrukking die het leven je te bieden heeft.

Dat dus.

En zolang we zoeken, is het ons gegeven. Kunnen we het doorgeven. Aan elkaar. Hoe mooi is dat?

De ander kennis laten maken met de schat die jij zojuist hebt opgedoken. Waarvan je zo overloopt van enthousiasme dat je het wel moet delen met de wereld. Jouw schat, jouw parel die je schaamteloos aan de wereld wil presenteren omdat je zo ontzettend verheugd bent over jouw vondst.

En geloof me, wanneer je dat doet, dat durft, zet je anderen aan tot hun eigen zoektocht. Want wat jij uitstraalt, willen zij ook. Wat jij gevonden hebt, in jezelf, willen zij ook vinden.

Dus ga op pad, zoekt en gij zult vinden!