BOODSCHAP VAN KAUW

Het is een mooie Lentedag in 2013. Terwijl het schuwe voorjaarslicht langzaamaan de dagen verlicht, voel ik mij geenszins verlicht. Ik verblijf nog altijd in het donker en heb moeite om het licht te zien in mijn leven. Dan verschijnt Kauw in mijn leven en vertelt mij over het proces van loslaten. Loslaten is namelijk geen doen, maar juist laten.

Graag deel ik met jou mijn verhaal over de ontmoeting met Kauw.

 

Ze  komen hier al jaren. Ze laten zich volop zien en wij kijken graag naar ze. Ze hebben stijl. De dames en heren gaan altijd even goed gekleed in stemmig zwart. Parmantig en elegant wandelen ze door onze tuin.

Het is de  Corvus Monedula, oftewel de Kauw.
Ze behoren tot de kraaiachtigen. Kauwen komen meestal in groepen of paren voor en foerageren vaak gezamenlijk.
In al die negen jaren dat wij op een mooie plek in Nederland op de Veluwe hebben gewoond, hebben we ze stuk voor stuk leren (her)kennen.

Elk voorjaar weer zagen we hoe de nesten in aanbouw zijn. De Kauwen vliegen af en aan van en naar de verschillende daken van de huizen in de buurt. Hun snavels vol met takjes en andere bouwmaterialen. Dan duiken ze de schoorsteen in. En we weten dat we ook dit jaar weer voorgesteld zullen worden aan hun nieuwe kroost.

Kauwen zijn trouw aan hun partner en deze band blijft ook waarneembaar binnen een grote groep. Ze hebben complexe banden met elkaar en blijven als koppel elkaar trouw voor het leven.
Vaak dienen de onderliggende verhoudingen regelmatig opnieuw duidelijk gemaakt te worden opdat ieder zijn en haar plek weer kent. Grenzen stellen.

En dat gebeurt dan vaak op bekend terrein waar wij met onze neus dicht op zitten.
Regelmatig ben ik diep onder de indruk van het luide gekrijs en de woeste worstelingen van de Kauwen onderling.

Vaak zeer hevig, doch kortdurend. Kauw is namelijk niet hardleers. Kauw is recht door zee en duidelijk. Soms ietwat kortaf misschien. Maar ach, da’s dan weer een  menselijke interpretatie.

Op een dag is het een drukte van belang hier in onze tuin. Altijd rond hetzelfde tijdstip; vogelvoedertijd. Ja, je gelooft het misschien niet maar ik kan de klok erop gelijk zetten en weet ook precies wanneer wie aanschuift.

Als de familie Kauw aan de dis verschijnt zijn er geen ongenodigde gasten welkom. Ieder zijn beurt. Ik kijk naar buiten en zie hoe de kauwen zich tegoed doen aan het nieuwe strooivoer. Ik geniet.

Dan zie ik dat er een veer scheef staat in de staart van een grote Kauw

Het lijkt alsof deze elk moment kan loslaten maar het gebeurt niet. Kauw springt op en af de voederbak, hangt als een echte acrobaat ondersteboven aan de voederpaal om vervolgens driftig in de zomer vetbollen te kunnen pikken. Niet een geheel natuurlijke pose, wel een ontzettend vermakelijke! Het deert hem niet en er gebeurt niets. De veer staat nog steeds scheef. 

“Laat maar los!” roep ik vanachter het raam “laat maar lekker los!”. 

Dan zie ik dat Kauw totaal niet bezig is met loslaten. Hij merkt de scheve loszittende veer niet eens op. Laat staan dat hij er hinder van ondervindt. En Kauw doet wat hij doet en eet onverstoorbaar door.

Opmerkelijk hoe hij zichtbaar vertrouwen heeft en enkel het moment zijn aandacht heeft. Dan vliegt hij verder en zie ik dat er een prachtige glanzende veer in het gras ligt. Ik snel naar buiten om dit wonderlijke geschenk van Kauw te bemachtigen.

Bij binnenkomst open ik mijn hand en kijk ik aandachtig naar de veer. Dan zie ik dat de veer is afgebroken. Ik vraag Kauw of hij mij iets wil vertellen.

Kort en bondig beantwoordt hij mijn vragen en vertelt hij me o.a. dat hij hier al ruim zeven jaar woont. Dan vraag ik Kauw hoe ik kan loslaten.
“Net als mijn veer” antwoordt Kauw.
Ik begrijp het niet, de veer is immers afgebroken.

 “Moet ik iets afbreken?” vraag ik enigszins verontrustend. Het blijft stil.

“Dient er iets opengebroken te worden?” vraag ik dan.
Na een korte stilte reageert Kauw. Met een kort en resoluut antwoord.

“Nee, alleen maar loslaten, net als mijn veer” zegt hij me “kies ervoor, op dit moment”. 

Ineens voel ik mij heel onrustig worden en nerveus. “Ik weet niet of het me zal lukken”, zeg ik ietwat wanhopig “het is soms zo donker, zo duister…”  Tranen biggelen over mijn wangen.

Ben ik nu echt zo wanhopig dat ik hier met een veer een gesprek voer en mijn diepste roeringen deel? Bijna voel ik me niet serieus genomen door Kauw, alsof ik de spotvogel ben in deze dialoog. Is er eigenlijk wel een dialoog? Wie houdt wie nou voor de gek? Dan dringt Kauw zich aan mij op en spreekt luid en duidelijk:

“Kijk eens goed naar mijn veer. Deze is niet alleen maar donker. Er zit ook licht in, kijk maar eens goed”.

Voor even valt het stil en vervolgens verbind ik me opnieuw met de veer.

“Er is niet enkel alleen maar donker…” zegt Kauw vervolgens opnieuw.

Dan open ik mijn ogen en kijk naar de veer die in mijn handpalm besloten ligt. Langzaam breng ik mijn geopende hand dichterbij. Ik merk de onvolmaaktheden, een afgebroken pen op, zelfs een gaatje in het geheel.
Terwijl ik de veer oppak en mijn tussen duim en wijsvinger heen en weer beweeg, ontvouwt zich een prachtig schaduwspel. Voor mijn ogen verschijnt een schitterende zilverachtige waas. Het lijkt wel een spiegel!

Door de draaiende beweging gaat het fluweelachtige zwart over in het zilver en weer terug. Van donker naar licht. Met open mond kijk ik gefascineerd naar de prachtveer. Even wordt het stil. Heel stil. Ook in mij.

En in die stilte is het alsof sinds lange tijd de zware, donkere en verduisterende gordijnen weer opengaan. Het daglicht komt naar binnen. Streelt mijn gelaat, zo zacht, zo welkom. Dan weet ik; ik heb zojuist gekozen. Losgelaten…