Ademtocht

 

Adem is leven
en ik snak naar adem, naar leven
en naar lucht.
Mijn keel is dichtgeknepen,
alsof mij de adem wordt benomen
alsof mij het leven wordt ontnomen.
Opnieuw.
 Happend naar lucht, snakkend naar ruimte.
En wanneer het meest benauwde moment is aangebroken
laat het me los
laat ik het los.
Word ik losgelaten
en ik val.
Diep.
Diep in een put
dezelfde donkere put
opnieuw.
Maar nu met een bodem
een fundering
een basis.
Ik kijk op, naar de lucht
en ik zie helder.
Ruimte.
Ik adem,
ik adem ernaartoe.
claim mijn eigen adem.
Opnieuw.
Adem mijn eigen leven,
in en uit
op en neer.
In beweging.
Ademloos kijk ik toe
en ik laat los
Opnieuw.